De wereld om ons heen verandert voortdurend door de invloed van natuur en mens.

Je leert over verschillende onderwerpen op fysisch, politiek, economisch, demografisch en sociaal-cultureel gebied. Hierdoor weet je veel van allerlei maatschappelijke onderwerpen wereldwijd en kun je relaties leggen. Vooral leer je complexe onderwerpen snel te analyseren en oplossingen te bedenken.

Aardrijkskunde is een wereldvak, waarmee je de wereld kunt ontdekken.

Via de labels kun je zoeken op aardrijkskunde examenonderwerp voor HAVO en VWO.


Je ontdekt bijzondere foto's en de belevenissen van een bevlogen docente aardrijkskunde en geschiedenis.

Pol Education & Coaching & Writing
Educatieve teksten, toetsen en training.
CEDEO Erkend Coach en opleider in de school.

drs. Rini van der Pol
Sliedrecht NL
Rome IT 2012 - 2016
Ankara Turkije 2016 - 2019

dinsdag 29 december 2009

Profielwerkstuk Werkwijze 2009 - 2010

Klas: 6VWO
Doel: Profielwerkstuk uitleg werkwijze


Inleiding

De kandidaat is verplicht een profielwerkstuk te maken. Met het profielwerkstuk kan de kandidaat zijn vaardigheden in combinatie met kennis en inzicht laten zien.

Het profielwerkstuk heeft betrekking op minstens één profielvak. Alleen bij het profiel Cultuur en Maatschappij mogen Engels en Nederlands ook als profielvak worden gerekend.

De beoordeling van het profielwerkstuk wordt in één cijfer weergegeven. Dit cijfer is een onderdeel van het combinatiecijfer. Het profielwerkstuk heeft in het vwo een studielast van 80 studielasturen.

Onderwerp

De kandidaat mag zelf met een idee voor het onderwerp van het profielwerkstuk komen. De kandidaat heeft wel de goedkeuring van de profielwerkstuk begeleider nodig. Uiterlijk 30 juni van het schooljaar 5 vwo heeft de kandidaat via het verstrekte formulier "keuze profielwerkstuk" het profielvak en onderwerp opgegeven aan de afdelingsmanager.

Begeleiding

Tijdens het zesde leerjaar vwo wordt de leerling bij het maken van het profielwerkstuk begeleid door minstens één profielwerkstuk begeleider. De examinator heeft de taak om de leerling te ondersteunen tijdens het proces en bij het maken van het product. Verbeteringen aanbrengen is een onderdeel van het (leer)proces en beïnvloedt niet de beoordeling.

De kandidaat dient het proces te plannen met behulp van het werkplan en vast te leggen door het bijhouden van een logboek. Voor de begeleiding is in het werkboek, dat elke kandidaat heeft ontvangen, het proces tussen de examinator en de kandidaat beschreven.

Tijdens lesvrije momenten kunnen de kandidaten overleggen met hun medekandidaten, onderzoek verrichten, interviews afnemen, bezoeken afleggen en contact opnemen met de begeleidende examinatoren. De overlegdata worden schriftelijk vastgelegd. Bij het niet nakomen van de afspraken kan er geen (tussen)beoordeling worden gegeven en kan de kandidaat het schoolexamen niet afsluiten.

Werkwijze

De kandidaat ontvangt voor het maken van het profielwerkstuk een toelichting, een werkboek profielwerkstuk met een toelichting per profiel.

De beoordelingsaspecten van het profielwerkstuk zijn overgenomen van de praktische opdrachten en worden van te voren verstrekt. Het maken van een werkplan en het bijhouden van een logboek is verplicht. De kandidaat kan via het logboek zijn studielasturen verantwoorden en binnen de perken houden. Voor de begeleidende profielwerkstuk begeleider is het een handvat om het doorlopen proces te volgen en te beoordelen en om zicht te krijgen op de authenticiteit.

Omvang

Om de kandidaat tegen zichzelf te beschermen worden beperkingen gesteld aan de omvang van het profielwerkstuk. De grenzen zijn niet absoluut, daar het gaat om de kwaliteit en niet om de kwantiteit. Of de kandidaat voldaan heeft aan de omvangeis is ter beoordeling van de examinator. Bij blijvend verschil van mening beslist de afdelingsmanager.

De omvang van een schriftelijk verslag wordt beperkt tot minimaal 20 en maximaal 25 bladzijden A4 exclusief titelblad, woord vooraf, illustraties, bronvermelding en bijlagen.

Een mondelinge presentatie moet minimaal 15 en mag maximaal 25 minuten duren.

Een posterpresentatie moet bestaan uit minimaal 3 en maximaal 5 A1-vellen.

Voor een audio-, video-, film- en computerpresentatie wordt voorlopig 10 tot 15 minuten aangehouden. Bij N-profielen is een practicum verplicht.

Een tentoonstelling mag maximaal 4 m² beslaan.

Bij een groepsuitwerking wordt het minimum – en maximumgetal met 1,5 vermenigvuldigd.

Aanwezigheid op een presentatieavond is verplicht en maakt deel uit van de beoordeling.


Link:
Willem de Zwijger College Papendrecht
http://www.wdezwijger.nl/