De wereld om ons heen verandert voortdurend door de invloed van natuur en mens.

Je leert over verschillende onderwerpen op fysisch, politiek, economisch, demografisch en sociaal-cultureel gebied. Hierdoor weet je veel van allerlei maatschappelijke onderwerpen wereldwijd en kun je relaties leggen. Vooral leer je complexe onderwerpen snel te analyseren en oplossingen te bedenken.

Aardrijkskunde is een wereldvak, waarmee je de wereld kunt ontdekken.

Via de labels kun je zoeken op aardrijkskunde examenonderwerp voor HAVO en VWO.


Je ontdekt bijzondere foto's en de belevenissen van een bevlogen docente aardrijkskunde en geschiedenis.

Pol Education & Coaching & Writing
Educatieve teksten, toetsen en training.
CEDEO Erkend Coach en opleider in de school.

drs. Rini van der Pol
Sliedrecht NL
Rome IT 2012 - 2016
Ankara Turkije 2016 - 2019

donderdag 1 juli 2010

Examen Tips voor het maken van het examen 2010

Lees de vragen goed. De manier waarop de vraag gesteld is, is vaak moeilijk, maar na goed nadenken (of meerdere keren lezen!) weet je meer dan je denkt. Je moet eerst de vraag goed snappen, voordat je met de beantwoording ervan begint.

Let op wat voor soort verklaring/oorzaak/gevolg wordt gevraagd. Op het examen wordt vaak op de onderstaande manier een vraag gesteld:

- Geef een demografische gevolg van …

- Geef een fysisch-geografische oorzaak voor …

- Geef een sociaal-geografische verklaring voor …

- Geef een economisch motief voor …

- Geef een historische verklaring voor …

- Geef een politieke verklaring voor …

- Geef een sociaal-culturele verklaring voor …

- Geef een geologische verklaring voor …

Gebruik de atlas om iets op te zoeken als dat nodig is. Bekijk de kaarten, grafieken of tabellen goed (inclusief de legenda). Vaak kun je - een deel van - het antwoord gewoon in de atlas vinden! En je kunt de atlas ook regelmatig gebruiken als het niet gevraagd wordt!

 Als er op het examen twee redenen (of voorbeelden) worden gevraagd mogen de examinatoren alleen naar de eerste twee redenen (of voorbeelden) kijken, die jij als eerste noemt. Schrijf dus de dingen die je zeker weet als eerste op. En: soms kunnen twee antwoorden als één beschouwd worden. Geef dus altijd aan wat je eerste en tweede antwoord is.

Lees alle bijgeleverde bronnen of teksten goed door (desnoods twee keer). Vragen met bijgeleverde bronnen of teksten lijken meestal moeilijk, maar dit hoeft beslist niet het geval te zijn. Vaak zijn de antwoorden juist in de bronnen of teksten te vinden!

 Verlaat de examenzaal vooral niet te vroeg! Kijk je werk nog eens goed na om te zien of je geen fouten hebt gemaakt en of je niets vergeten bent. Ieder jaar slaan leerlingen weer vragen over. Dat zal jou toch niet gebeuren? Tien minuten eerder pauze kan je heel wat punten kosten. Misschien zelfs een heel jaar…

Accepteer dat je niet alle vragen juist kan maken. Als je dat accepteert voorkom je dat je in de stress schiet. Als je alle vragen goed leest en begrijpt en de kaarten, tabellen en grafieken goed bekijkt, is een (ruime) voldoende zeker haalbaar!


Link: bewerkt naar
http://www.digischool.nl/